In de strijd der ideeën zijn alle argumenten goed, correct of niet. Dat blijkt althans uit de recente begrotingsopmaak van de regering. Tijdens de verkiezingen gingen enkele partijen en organisaties ervan uit dat een indexsprong een serieuze winst ging geven voor de begroting. Maar in de begrotingsnota die de regering recent richting Europa stuurde, was van die besparing geen sprake. Een indexsprong zou de federale begroting exact nul euro opleveren.
Een indexsprong is geen besparing. Dat zegt de denktank Poliargus al langer. Een indexsprong betekent een rechtstreekse besparing op de lonen van de overheidsambtenaren en op de sociale uitkeringen, maar ook een minderopbrengst uit belastingen uit arbeid. Die minderopbrengst geldt zowel voor de werknemers- en werkgeversbijdrages, maar ook voor de RSZ-inkomsten.

Koffiedik

Volgens de door de regering ingediende documenten bij Europa neutraliseren deze besparingen en min-opbrengsten elkaar volledig. Netto resultaat op de federale begroting: nul euro (zie het originele pdf-document). Meer zelfs, de sociale correctie van de indexsprong wordt begroot op een meerkost van 127 miljoen euro.

Waarop deze cijfers zijn gebaseerd, is koffiedik kijken. We kunnen dus moeilijk de correctheid ervan inschatten. Het is wel duidelijk dat deze berekening enkel gaat over de federale begroting en daarenboven geen rekening houdt met eventuele meer- of min-opbrengsten door het scheppen van extra jobs of het afkoelen van de consumptie:

  • Een indexsprong van de lonen betekent namelijk niet enkel een besparing op de federale lonen, maar ook op de lonen van de andere ambtenaren (gewestelijk, gemeenschappelijk, provinciaal en lokaal).
  • Als een indexsprong leidt tot meer jobs kan de begroting genieten van een positief terugverdieneffect. Dat effect berekenen is onbegonnen werk omdat het job creërende effect van een indexsprong onzeker is. Dat zeggen wij (hier en hier), maar dat zegt de voorzitter van het VBO ook (hier).
  • Omgekeerd kan een indexsprong de koopkracht uithollen en leiden tot minder consumptie. Minder consumptie betekent minder BTW opbrengsten en dus een minopbrengst voor de begroting. Ook die effecten zijn niet meegenomen in deze berekening.

De regering heeft daarom verschillende malen benadrukt dat de belangrijkste reden voor een indexsprong een verbetering van de internationale competitiviteit is, en niet een besparing realiseren op de federale begroting. In de volle verkiezingsstrijd klonk nochtans een ander geluid. Er werd gesproken van een totale besparing van 1 (bron Trends) tot 1.65 miljard euro (bron De Standaard).

Een licht aangepast versie van dit blogstuk verscheen eerder op de site dewereldmorgen.be (13 november 2014)