30 januari: Naar een offensieve Europese staking

Net zoals in december 2011 staat er ons ook eind januari een algemene staking te wachten. De drie grote Belgische vakbonden hopen op deze manier druk te zetten op Di Rupo-I om enerzijds de hervormingen socialer te maken en anderzijds het sociaal overleg op gang te trekken. De staking ligt niet goed in de media. De vakbonden worden afgedaan als oubollig, verdedigers van het status-quo, voorvechters van de voorrechten van de vijftigplussers en blind voor de economische realiteit die hervormingen eist. Humo trommelde vier jongeren op en sprak over een ‘nieuwe generatiekloof’. Maar klopt dit beeld van de vakbond wel? Verdedigen zijn enkel het brugpensioen van hun oudere leden, of gaat hun programma breder?

Iedereen die het eisencahier van de vakbonden van 14 december erop naleest (hier), kan het niet negeren. De bonden fulmineren niet enkel ‘tegen’, maar ook vóór een heel aantal hervormingen. Enkele belangrijke daaronder: een financiële transactietaks, reguleren van de financiële wereld, een vermogensbelasting, reguleren van o.a. de energieprijzen, het invoeren van euro-obligaties, het veranderen van de rol van de Europese Centrale Bank (ECB), het invoeren van een Europees minimumloon, het responsabiliseren van de werkgevers als het over oudere werknemers gaat enzovoort. Schitterend.

Helaas zijn er enkele opmerkingen te maken. Ten eerste over de communicatie: de boodschap komt niet over. Hoewel het gemeenschappelijk vakbondsfront een eisencahier op tafel legt met zowel protest tegen voorgestelde hervormingen als met constructieve voorstellen voor alternatieve hervormingen wordt dit niet als zodanig gepercipieerd door de publieke opinie. De media spelen daar hun rol in, maar ook de vakbonden zelf dragen een verantwoordelijkheid. Het voorgenoemde eisencahier van de bonden werd enkel als bijlage bij het persbericht van 14 december aangesloten en in het persbericht zelf, zien we geen spoor van de voorgestelde hervormingseisen. Daar wordt enkel gefocust op de strijd tegen de pensioenhervorming, de strijd tegen het optrekken van de wachttijd voor pas afgestudeerden, de strijd tegen de aanvallen op de index, etc. Dit wordt overgenomen in de pers, niet de eisen die 10 pagina’s verder opgelijst staan. Bij de mobilisatie van de bonden zien we hetzelfde. De vakbonden communiceren vooral (of enkel) hun protest tegen de huidige hervormingen en zelden hun strijd voor diepgaande sociaaleconomische hervormingen. Willen de bonden een deel van de publieke opinie terug aan hun kant krijgen, dan moeten ze de staking van 30 januari aangrijpen als een kans om hun positieve beleidsalternatieven op de kaart te zetten.
Ten tweede misschien wat fundamenteler. De eisen van de vakbond die werkelijk een groot verschil kunnen maken in deze crisis, liggen voor een stuk buiten het bereik van de federale regering. Di Rupo heeft maar weinig impact op de rol van de ECB, hij kan moeilijk alleen euro-obligaties invoeren en kan  evenmin op z’n eentje een Europees minimumloon afdwingen. Hoewel deze maatregelen veel zoden aan de dijk zouden zetten en een goed antwoord op de huidige crisis zouden bieden, kan de federale regering deze eisen gemakkelijk naast zich neerleggen met dure beloftes van actie op Europees niveau.

De nationale staking van 30 januari dreigt dus haar doel te missen: de communicatie loopt mank en men viseert het verkeerde niveau. Een algemene Europese staking met een offensief programma voor de invoering van euro-obligaties, een financiële transactietaks en een Europees minimumloon als programma zou een groter verschil kunnen maken. Het Europees vakverbond besliste gisteren om op 29 februari een Europese actiedag te houden (link), misschien moeten de Belgische vakbonden vooral daar hun schouders onder zetten.