Praktijktesten naar discriminatie op de huurwoningmarkt doen discriminatie dalen. Dat blijkt uit onderzoek van sociologen Pieter-Paul Verhaeghe en Koen Van der Bracht van de Universiteit Gent. Beide auteurs formuleren hier tien aanbevelingen.

Deze tekst verscheen eerder op Mo* online.

Uit ons onderzoek blijkt dat het organiseren van praktijktesten naar discriminatie op de huurwoningmarkt discriminatie fors kan doen dalen. Wanneer vastgoedmakelaars weten dat ze getest kunnen worden, daalt discriminatie namelijk drastisch.Tegelijkertijd zien we dat een kleine minderheid van de vastgoedmakelaars blijft discrimineren en dat ook particuliere verhuurders vaak blijven discrimineren. Naast deze resultaten hebben we ook een kwalitatieve bevraging van alle partners in de private huursector uitgevoerd. Op basis van ons onderzoek formuleren we dan ook graag tien concrete aanbevelingen voor de strijd tegen discriminatie en sociale uitsluiting op de huurwoningmarkt.

Wanneer vastgoedmakelaars weten dat ze getest kunnen worden, daalt discriminatie namelijk drastisch.

I. Organiseer proactieve, herhaaldelijke praktijktesten

Uit ons onderzoek blijkt dat vastgoedmakelaars opmerkelijk minder discrimineren als ze weten dat ze aan de hand van praktijktesten gecontroleerd worden. De overheid zet bijgevolg het best in op de organisatie én aankondiging van praktijktesten.

Het herhaaldelijk testen van dezelfde makelaar of verhuurder is noodzakelijk om een onderscheid te kunnen maken tussen een systematisch patroon van discriminatie enerzijds en een toevallige ongelijke behandeling anderzijds.

II. Informeer en empower verhuurders en makelaars die discrimineren

Wanneer de proactieve praktijktesten een systematisch patroon van discriminatie aantonen, raden we aan dat de betrokken makelaars en particuliere verhuurders uitgenodigd worden om hun diversiteitsbeleid kritisch tegen het licht te houden.

Deze aanbeveling is gericht op informeren (bv. particuliere verhuurders uitleggen wat de grens is tussen discrimineren en professionele selectie) en empoweren (bv. via een vorming makelaars aanleren hoe ze passend op discriminerende vragen van hun klanten kunnen antwoorden).

III. Organiseer daarna opnieuw herhaaldelijke praktijktesten

In opvolging van de proactieve praktijktesten en de empowering stellen we voor dat de vastgoedmakelaars en particuliere verhuurders opnieuw gecontroleerd worden door de overheid aan de hand van reactieve praktijktesten.

IV. Sanctioneer makelaars en verhuurders die hardnekkig blijven discrimineren

Uit ons onderzoek blijkt dat een kleine minderheid van vastgoedmakelaars en een grote groep van particuliere verhuurders blijven discrimineren, ook al worden ze herhaaldelijk gecontroleerd, geïnformeerd en empowered.

Voor deze groep is er een strikte handhaving van de antidiscriminatiewetten nodig om hardleerse verhuurders en makelaars te doen stoppen met discrimineren. Vergelijk het met flitspalen: de meeste autobestuurders vertragen wanneer ze een flitspaal zien, maar een minderheid zal pas trager rijden wanneer ze ook effectief gesanctioneerd worden.

V. Ga tegelijkertijd ook verder met informatie- en sensibiliseringscampagnes

Tegelijkertijd kan er ook verder gegaan worden met de vele informatie- en sensibiliseringscampagnes: doorbreek de vooroordelen, faciliteer huurders en verhuurders en informeer over de vele overheidsinitiatieven (bv. huurgarantiefonds, loopbaan- en diversiteitsplannen en stedelijke verhuurkantoren).

VI. Stimuleer overleg en bemiddeling op de huurwoningmarkt

Maar al te vaak escaleren huurconflicten en wordt er te vlug naar de vrederechter gestapt. Uit onze kwalitatieve bevraging van de sector kwam naar voren dat veel conflicten voortvloeien uit miscommunicatie tussen huurders en verhuurders.

Beide groepen vertoeven vaak in andere leefwerelden, met andere verwachtingen, standaarden en behoeften tot gevolg. Naar het voorbeeld van CAW Oost-Vlaanderen zou de overheid bemiddelaars kunnen aanstellen die tussenkomen in huurconflicten.

VII. Promoot actief de standaard inlichtingenfiche