Nu een Grexit echt tot de mogelijkheden behoort is het potje zwartepieten begonnen. We konden de voorbije dagen horen en lezen hoe politici in de rest van de eurozone de schuld voor het mislukken van de onderhandelingen in de schoenen van de Griekse regering schuiven, die zich onredelijk, onverantwoordelijk, roekeloos en blind ideologisch zou gedragen, karakteriseringen die door sommige media worden overgenomen. Wat is daar van aan?

 

Is de Griekse regering onredelijk?

Het standpunt van de Griekse regering, op basis waarvan ze is verkozen, is dat het besparingsbeleid van de voorbije vijf jaar niet kan worden verdergezet, aangezien dat heeft geleid tot een drastische toename van de werkloosheid, de armoede en de zelfmoordcijfers, of kortweg, zoals de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) het heeft genoemd, voor een humanitaire crisis heeft gezorgd. Dat door de crediteurs (de andere eurolanden, de Europese Centrale Bank en het Internationaal Monetair Fonds) opgelegde beleid heeft bovendien niet eens haar oorspronkelijke doelstelling bereikt, namelijk een reductie van de Griekse schuld. Integendeel, door de verslechtering van de economische toestand in Griekenland en de daling van het bruto binnenlands product is de schuld alleen maar toegenomen. Daarom krijgt het Griekse standpunt bijval van een lange rij internationaal gerenommeerde economen zoals Joseph Stiglitz, Paul Krugman, Thomas Piketty en Barry Eichengreen.

 

Is de Griekse regering onverantwoordelijk?

De voorbije maanden, en zeker de voorbije dagen na het afkondigen van een referendum over het door de crediteurs voorgestelde programma, wordt de Griekse regering ‘onverantwoordelijk’ genoemd. Het is belangrijk zich te realiseren wat daarmee bedoeld wordt. Men meent dat Alexis Tsipras, Yannis Varoufakis en co. hun zogenaamd onrealistische verkiezingsbeloftes moeten inslikken en zich schikken naar de spelregels van de muntunie, anders zullen zij het onvermijdelijke verdwijnen van de Grieken uit de eurozone op hun geweten hebben. ‘Verantwoordelijk’ zou dus betekenen dat Syriza na de verkiezingen te hebben gewonnen volledig zijn rug zou moeten keren naar de Griekse kiezers die hen een mandaat hebben gegeven en een voorstel zou moeten aanvaarden waarvan ze zelf, en daarin dus gesteund door vele topeconomen, absoluut niet geloven en dat hun land verder de dieperik in zou duwen.

 

Is de Griekse regering roekeloos?

Naast onredelijk en onverantwoordelijk wordt de Griekse regering ook verweten roekeloos, amateuristisch te werk te gaan. In plaats van zich respectvol – of eerder: onderdanig – op te stellen tegenover de collega’s in de eurozone hebben de Grieken – en minister van financiën Varoufakis bij uitstek – zich arrogant en betweterig opgesteld terwijl ze toch niets te eisen en enkel dankbaar te krijgen hadden. Die gemakzuchtige analyse gaat voorbij aan het inzicht dat het Syriza niet te doen was en is om een iets minder slecht akkoord voor de Grieken uit de brand te slepen (al kan dat wel deel zijn van haar guerilla-strategie), maar dat zij op termijn een radicale verandering in de eurozone wil teweegbrengen die de muntzone minder instabiel en sociaal destructief moet maken; en die ommekeer moet gaan via een paradigmaverandering. Hun strategie van confrontatie heeft op dat vlak zijn effect niet gemist; zie opnieuw de indrukwekkende lijst aan steunbetuigingen met de Griekse positie van topeconomen die niet verdacht kunnen worden van extreemlinkse sympathieën as such. Alsmaar meer volbloed pro-Europeanen zien dat er iets fundamenteel rot is aan de euroconstructie.

 

Is de Griekse regering blind ideologisch?

De leidende partij van de Griekse regering, Syriza, verzamelt een aantal linksradicale naast ook sociaaldemocratische groeperingen. Toch kan je niet stellen dat de Griekse regering zich in de onderhandelingen extreem-links heeft opgesteld. Omdat de partij niet alleen als doelstelling had om het contraproductieve besparingsprogramma stop te zetten maar ook om Griekenland in de euro te houden, heeft ze zelfs een heleboel toegevingen gedaan, tot onvrede van de meer radicale onder haar parlementsleden. Ze volgde de lijn-Varoufakis die deze economie-professor al eerder had bepleit: Griekenland en Europa hebben baat bij een geleidelijke hervorming, niet bij een revolutie. De chaos die dat laatste zou creëren, dreigt namelijk alleen maar extreem-rechts aan de macht te brengen. Dat de Griekse regering zich nu toch genoodzaakt zag om een referendum uit te schrijven, komt doordat zij in het voorstel van de crediteurs geen enkel lichtpunt zag en vermoedde dat deze enkel uit zijn op de totale vernedering van Syriza in de hoop zo snel een regimewissel te bewerkstelligen die opnieuw een onderdanige Griekse regering aan de macht brengt.

Zijn de crediteurs dan wel onredelijk, onverantwoordelijk, roekeloos en blind ideoogisch? Hoe anders kun je een positie omschrijven waarbij men een beleid dat zo duidelijk heeft gefaald wil verderzetten? Hoe blind ideologisch moet zelfs een groep ministers van financiën niet zijn om niet te beseffen dat men de democratie volledig ondergraaft wanneer met meent met rode pen te kunnen dicteren dat een verkozen regering, allez vooruit, wel een lager BTW-tarief voor melk en olijven mag behouden maar die van yoghurt en olijfolie wel omhoog moet? Dat men daarvoor het einde van de euro wil riskeren?

We moeten de Griekse regering dankbaar zijn dat zij een aantal fundamentele spanningen in de huidige Europese constructie blootlegt. Kunnen we een toestand waarbij verkiezingen tot geen enkele verandering leiden nog democratie noemen? Wat zegt het over de gesteldheid van ons continent wanneer ‘verantwoordelijkheid’ wordt gedefinieerd als de rug keren naar je eigen bevolking ter wille van de wetten van ‘de markt’ en de aangetoond dysfunctionele regels van de muntunie? Wat blijft er nog over van het Europese ideaal van ever closer union tussen bevolkingen door feitelijke solidariteit, wanneer aan een regering niet alleen wordt gevraagd om zelfmoord te plegen, maar het zelfs niet mag kiezen op welke manier het dat doet?